Bron:nporadio1.nl

Tijden veranderen. In de jaren ’70 ging zestig procent van Nederland regelmatig naar ‘de Chinees’ of de ‘afhaal-Chinees’. Lekker veel (ruime porties rijst, saté en kroepoek) voor weinig geld, dat sprak ons wel aan. En vergeet niet de massa’s dienstplichtigen die in de kazerne bami kregen voorgeschoteld.

“Tegenwoordig zit ‘de Chinees’ nauwelijks nog in ons systeem”, zegt Guido Verschoor van horeca-adviesbureau Van Spronsen. Uit een inventarisatie blijkt dat het aantal Chinees-Indische restaurants de afgelopen vijf jaar fors is gedaald: van bijna 1900 in 2014 tot ruim 1600 nu. Dat betekent een daling van pakweg 13 procent. In tien jaar tijd is de daling zelfs 22 procent. En de negatieve trend zet door, is de verwachting. In 2025 ligt het aantal onder de 1400.

Opvallend is volgens Verschoor dat het aanbod ‘overig buitenlandse’ keukens over de hele linie juist fors is gestegen met 19 procent. Te denken valt dan aan de Koreaanse, de Vietnamese en Thaise keuken.

Neerwaartse spiraal

Hoe komt die neerwaartse spiraal van ‘de Chinees’? “Het aanbod daalt fors omdat er nauwelijks of geen nieuwe ‘traditionele’ restaurants openen. De vraag neemt gewoon af, simpel. Opa en oma vieren hun jubileum of verjaardag nauwelijks nog bij de Chinees. Dertig jaar geleden was dat bijna de norm, het hoorde bij de lifestyle.

Ook sluit het doorgaans vrij zware en vette eten niet meer aan bij de groeiende behoefte bij veel consumenten aan gezond en licht eten.

‘Chinees-moe’

In alle provincies daalt het aantal Chinees-Indische restaurants fors. In Zeeland is de afname sinds 2014 het sterkst (-24 procent). Ondanks die daling telt Zeeland – samen met de provincies Drente en Friesland – relatief nog steeds het meest Chinees-Indische restaurants: 1,2 per 10.000 inwoners. Flevoland staat in dit lijstje onderaan met 0,6 restaurants per 10.000 inwoners.

De Nederlandse consument lijkt dus een beetje ‘Chinees-moe’. Al is er één lichtpuntje: de Chinese bezorgmarkt zit wel in de lift. ABN Amro becijferde onlangs dat in 2018 het aantal bestellingen voor Chinees eten met 20 procent is gegroeid.

Wok-restaurants

Veel voormalig Chinese restaurants zijn verbouwd tot een wok- of all-you-can-eat-restaurant. Er zijn geen ketens in deze sector, al zijn er wel veel restaurants met dezelfde naam zoals Peking, Chinese Muur, Lotus en De Lange Muur. Ook zijn tal van Chinese ondernemers overgestapt op een Nederlandse snackbar of zijn nu werkzaam in de hotelsector. “Van alle huidige snackbareigenaars is 75 procent van Chinese afkomst.”

Verschoor: “De menukaart van het gemiddelde Chinees-Indische restaurant is de afgelopen decennia ook nauwelijks veranderd. De porties zijn groot, de prijzen relatief laag.”

Cantonese keuken

Maar er zijn ook ‘ouderwetse’ Chinese restaurants die zich hebben aangepast. Zoals Hotspot Central in Leiden bijvoorbeeld. Onderneemster Ronghua Ching-Hu zwaait daar de scepter. Zij kijkt er overigens niet van op dat zoveel ouderwetse Chinese restaurants zijn verdwenen. Het grote succes van de bami en nasi is eigenlijk de ondergang geworden.

“Chinees eten werd omarmd. Maar ja, dat zagen de supermarkten ook, en de pompstations, en de slagers, traiteurs. Nu verkoopt iedereen bami en nasi. Aldi roept zelfs dat ze de beste Chinees zijn van Nederland: een bak van 800 gram voor twee en een halve euro. Een belediging? Bijna wel ja.”

Nu verkoopt ze Cantonese Cha Siu, Sichuan Lams en de nodige noedelsoepen. En met succes. “De zaak is nu anderhalf jaar open en slechts één keer kwam er een bejaarde dame binnen die naar Chinese loempia’s vroeg. Die hadden we niet. Maar ze heeft uiteindelijk een andere keuze gemaakt. En ze was hartstikke tevreden.”

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here