(Bron: DHC)

Door: 

Het leven van de etnische groepen Miao en Dong op het Chinese platteland staat in het teken van vakmanschap, kleuren en rituelen. Museum Rijswijk vertelt hun verhalen via de omvangrijke collectie van een markante verzamelaar.

Al meer dan twintig jaar is Mieke Gorter in de provincie Guizhou, in de buik van de ‘kip’ die China is, te vinden als reisleider. “Het landschap is er bergachtig en de houten dorpen zijn er prachtig,” vindt ze.

In de loop der tijd verzamelde ze honderden objecten van de lokale volkeren Miao en Dong, twee van de in totaal 56 bevolkingsgroepen van het land. Een selectie van die kleding, sieraden en gebruiksvoorwerpen vormt nu de basis voor de tentoonstelling ‘Betoverend China’ in Museum Rijswijk. “Hiermee wil ik laten zien hoe het leven eruitziet,” zegt Gorter.

Aan de muur in de eerste ruimte hangen alle onderdelen van het feestkostuum van een Dong-meisje: jasje, schort, rok, beenbeschermers en schoentjes. Sober, maar alle bezet met borduursels in waaiervormen en krullen, typisch voor de Dong. “Het maken van één manchet kost al een winter!”, roept Gorter.

Zilveren pennen

Ernaast een hoofdtooi met daarin versierde zilveren pennen. “Ik was in het dorp en de vader vroeg of ik het wilde kopen. Het meisje schrok, want dit waren haar bruidsschatten. Maar hoe bepaal je wat zoiets waard is? Toen vertelde ze dat ze wilde gaan studeren, waarop ik zei: ik neem het hele kostuum en dan betaal ik de studie. Veel mensen vinden dat gek, maar dan zeg ik: nee, want hierdoor maakt de moeder iets nieuws en geeft ze het ambacht weer door.”

Ook voor de Miao is de kleding belangrijk. Zelfs zozeer dat ze er hun identiteit aan ontlenen: “Je hebt de Tin-emroidery Miao, de Short-skirt Miao, de Folded-embroidery Miao met gevouwen stukjes zijde, de Long-horn Miao met tooien van hoorns en wol op het hoofd en de Hundred-birds Miao, herkenbaar aan de vele verenbolletjes aan hun kleding. En zo zijn er nog meer dan 170 kostuums. Maar het kleurrijke hebben ze gemeen.”

Op de tentoonstelling staat een aantal uitdossingen. De basis voor de meeste kleding bestaat uit met indigo gekalanderde stoffen, ook te zien, inclusief originele hamer. “Ik vond het een mooi ding, helemaal paars verkleurd van de indigo, dus heb ik ’m gekocht van een vrouw. Haar man moest direct een nieuwe maken en zij hield het geld,” lacht Gorter.

Handtekening

Natuurlijk heeft ze bij de vrolijke gouaches in de volgende zaal eveneens een anekdote: “In een Miao-dorp waren wat vrouwen aan het schilderen. Hé, er staat helemaal geen handtekening op, zei ik over het werk dat ik wilde kopen. Vervolgens riep ze haar zoon, dus ik vroeg: heeft hij het gemaakt? Nee, zei ze, ik, maar ik kan niet schrijven. Direct besloot ik meer werken te kopen – je vindt ze ook in de museumwinkel – en het geld dat ik ermee verdien, stort ik naar het dorp waar een onderwijzeres de oudere vrouwen op z’n minst hun eigen naam leert schrijven.”

Een soortgelijke gedachte zit achter de shu bao’s, garenmapjes met een speciale papiervouwkunst waarin Gorter ook workshops geeft.

“Er wordt mij altijd van alles aangeboden en op een dag kwam er een meisje naar me toe met de vraag of ik haar shu bao wilde kopen. Het mapje zag er zo slecht uit! Moeder legde uit dat haar dochter al sinds haar twaalfde naar de middelbare school ging en zoveel huiswerk had dat er geen tijd was om het ambacht te leren. Dus ben ik naar een college gegaan in de grote stad en heb daar een aantal docenten en leerlingen de techniek geleerd die ik op mijn beurt ook geleerd had. Nu krijgen ze zelfs opdrachten van kleine fabriekjes om shu bao’s te maken. Geweldig, toch dat die techniek zo blijft bestaan?!”

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here